INTERVIEW ANTWERPSE 6: ‘ZE PRATEN OVER HET VERLEDEN MAAR ZONDER AAN ZELFREFLECTIE TE DOEN’
In de aanloop naar de expositie De Antwerpse Zes in modemuseum MoMu schreef romanschrijver Oscar van den Boogaard de afgelopen jaren een boek over de Zes. Met als ondertitel ‘Het Onvertelde Verhaal Van De Zes Van Antwerpen’. Door Georgette Koning.
Het is het eerste boek over de zes als groep modeontwerpers. Ze kennen elkaar al sinds ze begin jaren tachtig mode studeerden aan de Antwerpse Koninklijke Academie voor Schone Kunsten. In het boek komen ze, plus een kring van mensen om hen heen, ruim aan het woord.
Van den Boogaard begint zijn verhaal met een in 2024 opgenomen groepsgesprek met de Zes in MoMu dat de allerlaatste reünie van de zes zal blijken te zijn. Initiatiefnemer van die samenkomst is Geert Bruloot, de curator van de expositie. Hij wil met Ann Demeulemeester, Marina Yee, Dries Van Noten, Dirk Bikkembergs, Walter Van Beirendonck en Dirk Van Saene praten over de tentoonstelling die in 2026 moet openen. De ‘zevende’ van de Zes, Martin Margiela is er zoals altijd niet bij. Van den Boogaard wel, hij luistert en vertelt ze over hoe hij het boek wil maken.
‘Het museum zelf wilde het gesprek opnemen en filmen, met 8 microfoons en kleine cameraatjes. De Zes kregen een microfoon onder de neus gedrukt en er moest in grote lijnen over de afgelopen veertig jaar gesproken worden – om op één lijn te komen. De sfeer was koel en super gespannen, en die lijn? Die was er gewoon niet. Je voelde dat die mensen elkaar al jaren niet hadden gezien. Dat vond ik fascinerend. Als schrijver hoop je dat de Zes de hechte Zes waren. Maar ik voelde al snel dat ze enorm met zichzelf bezig waren en niet met elkaar.’
“Het boek gaat voor mij uiteindelijk niet eens over mode, maar over hoe mensen zijn, hoe een groep functioneert”
‘Een paar jaar eerder was ik bij Ann Demeulemeester, die vertelde dat in MoMu een tentoonstelling zou komen over de Zes van Antwerpen, en dat er nu al mensen waren die daarover wilden schrijven. Ann zei: ‘Doe jíj het, dan wordt het tenminste literatuur. Anders wordt het een al bekend journalistiek verhaal.’ Ik kreeg toestemming van de Zes om totaal mijn ding te doen. Onvoorwaardelijk op vertrouwen.
‘Na afloop van het gesprek met de Zes, dat de hele dag duurde, liep ik door de draaideur naar buiten. Ann wilde met me oplopen maar Marina wilde dat ook, zag ik. Ann dacht denk ik ‘laat maar’ en liep door. Ik vertelde Marina dat ik voor het boek het hele verhaal wil vertellen. Ze zei: ‘Dat krijg je niet van hen te horen. Dat kan alleen ik jou vertellen.
‘Ik geloof in zes subjectieve draden. Maar ik wist ook: Marina heeft niets te verliezen. Zo was altijd al haar levenshouding. Ze was toen nog niet ziek trouwens, ze overleed op 1 november 2025.
‘Modemensen zoals de Zes, behalve Marina, zijn extreem met hun image bezig. Ze zijn écht in controle en dat heeft ze ook heel ver gebracht. Ik heb daar veel respect voor, maar als het gaat over mens zijn, is die controle voor mij als schrijver lastig, want ik wil naar binnen.
‘Marina stond het dichtst bij me qua gevoel. Ze was iemand die niet hield van image-gedoe. Als ontwerper had ze altijd echt een verhouding met een kledingstuk, ze maakte het zelf, zonder mensen in dienst. Als enige van de Zes lukte het haar niet om door te breken. Ik heb het boek aan Marina opgedragen.’
HET HELE INTERVIEW LEES JE IN MIRROR MIRROR MAGAZINE. BESTEL HET HIER
Fotografie: The Antwerp Six, 1985, Patrick Robyn. The Antwerp Six, 1986, Karel Fonteyne